| Ecobonussen en minder BTW op houtkachels ? |
Geen CO2-taks op brandhout ? De groene fiscaliteit kan
de verwarmingssektor grondig veranderen.
Groene fiscaliteit is een belangrijk instrument in het milieubeleid
van de huidige regering. Het is bedoeld ons handelen in een duurzame richting
te sturen via financiele stimuli en heffingen. De verwarming van woningen,
die zo'n 75 % van het energieverbuik van een gezin uitmaakt, staat daarbij
uiteraard op de voorgrond. Het isoleren van woningen wordt al langer door
de overheid gesteund. Het is duidelijk dat een nieuwe reeks maatregelen
eraan komt die betrekking heeft op het verwarmen zelf, alleen is het nog
onbekend om welke het precies zou gaan. We pogen hier alvast een tip van
de sluier op te lichten.
CO2-taksen
Het broeikaseffekt geldt als het voornaamste milieuprobleem
ooit. Vooral de verbranding van fossiele brandstoffen zoals aardgas en
petroleumderivaten is de schuldige, naast ontbossing. Verwarming in Europa
is verantwoordelijk voor 20 tot 35 % van de totale uitstoot aan kooldioxide.
De oplossing bij uitstek is energiebesparing en het gebruik van biobrandstoffen,
voornamelijk hout. Bij de houtverbranding wordt de vrijgestelde kooldioxide
gecompenseerd door de kooldioxide die nieuw opgroeiende bomen uit de lucht
halen. Fossiele brandstoffen leveren ook nog een belangrijke bijdrage
tot de vervuiling van water, lucht en bodem. bij de verbranding van hout
geen netto CO2 produktie Het is dan ook niet verwonderlijk dat op Europees
niveau een taks op fossiele kooldioxide eraan komt en dat deze niet zal
gelden voor brandhout. Dit zal de prijs van brandhout verder drukken -
in feite is ze al erg laag in vergelijk tot de andere brandstoffen.
Brandhoutkwaliteit
Om hout goed te verbranden is in de eerste plaats een goede
kwaliteit brandhout nodig. Hier moet de overheid sterk normerend gaan
optreden, want het gebruik van onvoldoende droog hout veroorzaakt een
sterke milieuverontreiniging. Ecobonussen op brandhout van goede kwaliteit
zijn weinig waarschijnlijk omdat de distributie sterk versnipperd is en
te vochtig brandhout gewoon niet kan worden getolereerd. Wel is mogelijk
dat brandhout uit duurzame bosbouw extra ondersteuning krijgt.
Ecobonussen op houtkachels
Goede houtverbrandingstoestellen zijn uiteraard wel geschikt
om via ecobonussen te worden beloond, maar hier moet de overheid de normering
nog aanvangen. Inzake rookgaskwaliteit vormen accumulerende houtkachels
en niet-accumulerende houtkachels met automatische luchtsturing of katalysatoren
de beste keuze. Inzake energie- en houtbesparing vertonen accumulerende
houtkachels het hoogste verbrandingsrendement. Het lijkt logisch dat nieuwe
ecobonussen gekoppeld worden aan een minimaal verbrandingsrendement van
75 tot 80 % en een maximum van 0,1 tot 0,2 % CO (koolmonoxide) in de rookgassen.
Inzake het toekennen van deze bonussen zou zowel de aankoop van de toestellen
als het gebruik ervan, via de aankoop van brandhout, kunnen gestimuleerd
worden. Ook voor verbrandingsketels van centrale verwarmingstoestellen
wordt aan ecobonussen gewerkt. Ook hier zouden verbrandingsrendement en
CO-gehalte als norm kunnen dienen. De waarden zouden wat scherper moeten
liggen dan bij houtkachels, omdat ze nog steeds fossiele brandstoffen
gebruiken en omdat het nuttige rendement van centrale verwarmingstoestellen
10 tot 30 % lager ligt dan bij individuele verwarmingstoestellen zoals
houtkachels. De overheid zit uiteraard met het probleem dat de konsument
niet zomaar overschakelt van centrale verwarmings op houtkachels. De ecobonussen
moeten voor beiden stimulerend optreden, zelfs al staan centrale verwamingsketels
vandaag nog synoniem met aardgas- of mazoutbranders. Dat zal in de toekomst
wel anders worden, naarmate houtkachels meer en meer als centrale verwarmingsketels
functioneren. Ondertussen moet de overheid vooral hopen dat centrale verwarmingketels
minder zullen moeten presteren in woningen waar het gebruik van houtkachels
extra wordt gestimuleerd.
Houtkachelhandelaars afwachtend
Michel Dutry, als één der grootste Belgische importeurs
van houtkachels uit ondermeer Finland, Denemarken en Nederland, is best
tevreden met al deze toekomstbeelden. Hij waarschuwt ervoor de lat niet
te laag te leggen. Met de warmte-accumulerende Tulikivi speksteenkachels
hoeft hij in ieder geval niet voor strenge normen te vrezen, want met
een verbrandingsrendement van meer dan 90 % en een CO-gehalte van minder
dan 0,1 % zijn het absolute toppers. Ook de Danskan haardkachels en de
Altech speksteenkachels van Dutry & Co kunnen een rendement van 75 tot
80 % halen en het CO-gehalte is uiterst laag door de automatische sturing
van de verbrandingslucht met bimetaalveren en door het gebruik van katalysatoren.
Michel Dutry vreest evenwel dat het allemaal te lang gaat
duren. België is er nog niet eens in geslaagd een minimale norm voor houtkachels
te ontwikkelen, alhoewel die in buurlanden Duitsland en Nederland al jaren
bestaan. Misschien is het instellen van normen voor ecobonussen eenvoudiger.
In ieder geval is het noodzakelijk dat de overheid de konsument beter
informeerd inzake de milieuvriendelijkheid van goede houtkachels. Een
financiële bonus is prima, maar een goede infobrochure van de overheid
is al even noodzakelijk en waarschijnlijk eenvoudiger.
|